vrijdag 9 september 2016

Van Puerto Rico naar ABC eilanden, naar NL en terug naar Aruba

VAN PUERTO RICO NAAR DE ABC EILANDEN, NAAR NEDERLAND EN TERUG NAAR ARUBA
Omdat in juni het orkaanseizoen in de Carieb begint en het uiterste zuiden buiten de orkaangordel ligt moesten we naar de ABC eilanden “vluchten”. Op 8 mei zijn we vanuit Puerto Rico naar Bonaire gevaren waar we 11 mei 2016 aankwamen. Een uitstekende tocht gehad met langere tijd dolfijnen voor de boeg.
  
BONAIRE
We hebben de eerste dagen Bonaire een beetje te voet verkend en genoten van het snorkelen, net een tropisch aquarium. We lagen voor Kralendijk aan een mooring. Bonaire is het eiland waar de duikers naartoe gaan omdat je hier de meeste vissen en koraal vindt van de ABC eilanden.


Na een paar dagen hebben we een vriendin (Maaike) van het vliegveld gehaald die ruim drie weken aan boord zou blijven om met ons Bonaire, Curacao en Aruba te verkennen.


Nadat Maaike een beetje geacclimatiseerd was en het snorkelen weer op peil had gebracht hebben we voor twee dagen een auto gehuurd om het eiland te verkennen. Bonaire is een relaxt eiland waar natuurschoon en behoud daarvan voorop staat maar het eiland heeft ook een rijke historie.









Bonaire, we hebben de grote zoutwinningsgebieden gezien, de slavenhuisjes, de Flamingo’s, het natuurpark met dorre boel, cactus hier en cactus daar, blowholes waar het water omhoog spuit, mooie duik en snorkelkust enzovoorts.
















Op de boot hebben wij erg veel vissen bekeken, gezwommen, gesnorkeld, dranken genuttigd, heerlijk gekeuveld. Bijzonder was het wanneer wij vanaf onze boot tonijnen boven water zagen springen die op een school vis aan het jagen was waarbij ook die school boven water sprong, bijna een dagelijks evenement. Iedere dag zijn we diverse keren in het watergesprongen om te zwemmen en/of snorkelen en te genieten van het aquarium dat Bonaire is.

Dit eiland houdt een warm plekje in ons hart vanwege de sfeer en onderwaternatuur.
 
 
 
 
 
 
 CURACAO
Op 20 mei zijn we naar Curacau gevaren, geankerd op water dat “Spanish Water” heet. Daarna moesten we inklaren wat een ontzettende heisa was, met de bus naar Willemstad, politie, douane en port authorities op forse afstand van elkaar zodat je een hele dag bezig bent om alles af te lopen.

Dit is een heel ander eiland met een echte stad: Willemstad. Een stad met de beroemde pontjesbrug, de bekende huisjes, een mooi winkelgebied en mooie oude panden tussen het verwaarloosde deel.
Onze vriendin Maaike heeft familie op dit eiland die een keer gezellig bij ons aan iets hebben gedronken en vervolgens op hun boot een barbeque hebben aangestoken. Daarna hebben we van die familie op de yachtclub een heerlijk diner gehad.

Ook op Curacao voor twee dagen een auto gehuurd om het eiland te bekijken. Een hoogtepunt was toch het bezoek aan een struisvogelboerderij waar we veel uitleg hebben gekregen over wat de mannetjes doen en hoe de vrouwtjes er in een bepaalde conditie uitzien, “rode kuiten” is voor de intimi inmiddels een begrip.

Ook weer een natuurpark bezocht en genoten van het landschap.  Na een aantal dagen zijn we naar Santa Cruz Bay op Curacao gevaren. Een erg mooie baai waar ene “captain goodlive” meende de scepter te zwaaien. Op een dag zag ik een dure ocean canoe voorbij drijven en heb die “gered” en aan ons schip geknoopt. Toen “captain goodlive” met een bootje terug kwam zag hij de kano en na eerst wat verontwaardigd te zijn was hij ons later dankbaar e nodigde ons uit voor een biertje. We hebben in zijn kroeg/restaurant gegeten met twee honden op het dak als bewaking. Captain goodlive bleef lekkere sigaretten met stimulerende middelen draaien en bleef vrolijk. Een leuke tijd gehad in die baai. Gelukkig waren daar schildpadden te zien en een aantal vissen. Geen vergelijk met Bonaire maar na het “doodse” Spanish Water een verademing.

Curacao, we hebben veel gewandeld, veel in Willemstad gelopen maar het is niet ons eiland. De laatste baai was een verademing maar verder is het een eiland voor de toerist: 1 of 2 weken is genoeg.
Dit is het allesomvattende woord, zoek maar op!

 
 
Struisvogelboerderij

 
 
Kano veilig gesteld

 
Vissen in de bijboot gevlogen

Charlies bar
1 juni gingen we naar Aruba, na het inklaren op anker op de airport anchorage (surfside beach). Ja, wat moet je van Aruba zeggen, Oranjestad is en typische cruiseship stad. Een heel mooie ankerplaats maar vrijwel geen zeeleven, dat geldt voor heel Aruba. Aan de zuidkant een leuke vervallen plaats (st. nicolas) van een vervallen raffinaderij waar nu de dames van lichte zeden de overhand hebben, één leuke kroeg (Charlie) en verder een vervallen zooi. Aan de noordkant van het eiland de “hotels” met eaglebeach en soortgelijke toestanden, voor de toeristen  vergelijkbaar met Benidorm, niet ons ding.  We hebben wel heerlijk gegeten bij “Barefoot” en dat soort tenten maar dat is geen meerwaarde voor het eiland.
 
 
 
RESUME
De ABC eilanden zijn niet ons ding. Bonaire geweldig vanwege het zeeleven, Curacao vanwege de stad en Aruba vanwege ????.

Op Aruba hebben wij ons schip op de kant laten zetten voor een nieuw onderwaterschip: primer en antifouling. We zijn 13 juni naar huis in NL gevlogen en op 25 augustus teruggekomen op Aruba.

THUIS:
Potverdrie: Je denkt dat 9 weken in NL genoeg is om te doen wat je wilt maar ik heb twee van mijn broers en zussen niet gezien ( vier dus wel). Ook te weinig vrienden gezien, vroegere collega’s die ik graag wilde zien is er voor twee personen ook niet van gekomen(ik denk dat zij weten wie ik bedoel TM en LV). Balen!. Gelukkig was er op de Sixhaven Amsterdm een erg leuk welkomstfeest georganiseerd zodat we daar heel veel mensen hebben kunnen ontmoeten. De tijd gaat snel. We zijn nu weer bijna twee weken op Aruba met het schip in het water en wij hebben heel veel  warmte bultjes etc. Wij moeten acclimatiseren: Ja Maaike nu begrijpen wij hoe moeilijk je het hebt gehad.

Wat wij vinden: de ABC eilanden is niet ons ding hoewel wij Bonaire speciaal vonden, het avontuur gaat gelukkig verder.

Wij zijn blij dat we morgen (9 september 2016) Aruba verlaten en op weg gaan naar Colombia: Santa Marta en daarna Cartagena. We zullen daar van verhalen, we zij er aan toe, een nieuwe cultuur, hoewel enigszins gevaarlijk, we zullen zien.

WEER OP AVONTUUR!

maandag 11 juli 2016

Dominica: het tweede deel van het blog van Femke

“Wordt vervolgd”, schreef ik eind januari. Het is nu al een flinke tijd later, maar het moment is eindelijk hier. Ik ga mijn blog schrijven! De vertraging van deze blog heeft te maken met het feit dat mijn leven hier in Nederland heel anders is dan op de boot. Ik ben weer druk met de studie, werk en vrienden. Tevens zit ik op veilige afstand van mijn vader; hij kan me niet dagelijks lastigvallen met het feit dat ik beloofd had dit te schrijven. Toch ben ik hem dit écht verschuldigd, want hij heeft zowaar de lay-out van de blog aangepast! Zelf vindt hij het afzichtelijk, maar ik vind het een grote verbetering na dat oranje. De zeilbootjes op de achtergrond zijn helemaal in thema.
Dominica staat bekend als “the nature island”. Dit is natuurlijk niet voor niets: het eiland telt wel negen vulkanen en 365 rivieren, vele watervallen en een prachtig regenwoud.


Wij lagen met de boot voor anker voor een guesthouse, waar we elke dag een “Kubuli”, het lokale biertje, dronken. Enige besteding in het guesthouse was verplicht om er te mogen liggen, maar hier hadden wij uiteraard geen enkele moeite mee. We lagen vlakbij de hoofdstad van het eiland, Roseau, waar we bijna dagelijks in zo’n 20 minuten naartoe liepen. 

Onderweg werden we hartelijk begroet door iedereen, vooral mijn moeder en ik kregen veel aandacht. Dit merkten we in het bijzonder toen we papa een keer op de boot achterlieten om er met z’n tweeën op uit te gaan. Het stadje Roseau is vrij klein, maar het was leuk om er zo af en toe door te wandelen. Toen we op een middag op het balkon van een lokaal restaurantje zaten te eten, vormden vooral de cruiseship toeristen een bron van vermaak. Wij hadden een perfect uitzicht op alles wat langs kwam waggelen en schuifelen. Het merendeel had een enorm dikke toges, zoals mijn moeder dat zou zeggen.

Wij nuttigden in dat restaurantje overigens de standaard, en ongeveer enige, maaltijd die op het eiland verkrijgbaar is. Bij binnenkomst in een restaurant, ongeacht de tijd (zeg, elf uur ’s ochtends, vier uur ’s middags of ergens in de avond), werd ons altijd dezelfde vraag gesteld: ‘chicken or fish’? Een menukaart hadden ze nooit, er waren immers maar twee opties. Wij kozen altijd voor de kip, welke dan werd geserveerd met rijst en wat lokale groenten. Er was vaak banaan (wat geen groente is, maar het smaakte er prima bij), iets wat op banaan leek, maar veel flauwer en meliger smaakte, en wat andere groenten die we in Nederland niet kennen.

Ook was het lastig om bij het koken aan boord creatief te blijven, gezien ook de groentekraampjes langs de kant van de weg veelal hetzelfde aanboden. Vaak kwamen we thuis met wat uien, tomaten en een véél te dure kleine groene paprika uit de supermarkt.

(soms is er varkensvlees in de supermarkt)






Dit mocht de pret uiteraard niet drukken, en het eiland blijft mij bij als mijn favoriet van de drie die ik heb bezocht. Een hoogtepunt was het bezoek aan de sari sari falls. “If you climb up to sari sari falls, you will feel sorry sorry”, zei onze gids.
De tocht was inderdaad zwaar: we klommen over grote stenen en stonden tot aan onze middel in het water om de rivier over te steken. De tocht was zwaarder dan in voorgaande jaren vanwege de tropische storm ‘Erika’, die het eiland in augustus 2015 teisterde. Voor ons betekende deze storm enkel een ietwat zware work-out, maar voor de lokale bevolking zijn de gevolgen veel extremer. Veel is verwoest, zo zagen wij regelmatig landslides als we over het eiland reden. Verder merkten we dat een aantal toeristische organisaties hun aanbod moest inperken vanwege de gevolgen van de storm. De zware work-out was het wel helemaal waard. De waterval was waanzinnig. Met een enorme kracht stortte het water naar beneden: mam en ik konden er niet eens recht onder staan, zo hard stroomde het water.




Ook hebben we een bezoek gebracht aan the Emerald Pool, waar mijn moeder en ik een duik in hebben genomen. (hierboven het begin van de trail en hiernaast de Emerald Pool)

Daarna liepen we door naar de Trafalgar Falls, bestaande uit twee watervallen: ‘father’ en ‘mother’. We kwamen bij een uitzichtpunt, waar vandaan we beide watervallen konden zien, waarna het pad stopte. Over de stenen klommen papa en ik naar boven, en na enig protest volgde mijn moeder ook. We hebben in verschillende baden bij de watervallen gezwommen, en even onder de ‘mother’ waterval gezeten. (op de foto Femke en Heinze onder de 'mother' waterval)


Daarnaast zijn we naar het zuiden van het eiland gelopen, waar mijn moeder en ik bij champagne reef zijn wezen snorkelen, waar kleine luchtbubbeltjes uit de bodem komen. Op het strand bij deze snorkelspot ontmoetten we een Noors jong stel, dat ons een lift gaf naar een strand waar je in van nature warme baden met een rum punch in de hand van de zon kon genieten.
Helaas werd het tijd voor mij om huiswaarts te keren. Hoe ik precies terug zou komen, was nog de vraag. Mijn terugvlucht vertrok vanaf Saint Lucia, maar daar per ferry of vliegtuig naartoe gaan kwam niet uit met de tijden. Daarom werd besloten om ‘eventjes’ om te varen. Op deze vaartocht zagen we de zeldzame beaked whale en dolfijnen. In de avond en nacht zag ik voor het eerst oplichtende algen. Weer aangekomen in Saint Lucia zetten mijn ouders mij af op het vliegveld, waarna ik huiswaarts keerde en zij hun reis vervolgden.

zaterdag 7 mei 2016

Ponce Puerto Rico, laatste dag, we gaan verder

We hadden al geschreven dat Puerto Rico niet de meest veilige plaats is en dat huizen voorzien zijn van traliewerk. Vandaag hebben we weer 20KM gewandeld en wat laatste foto's gemaakt. Een paar dagen geleden heeft rond 19:00 uur een SWAT team zwaar bewapend op de marina waar wij tegenover voor anker liggen een razzia gehouden om wat gewapende criminelen op te pakken: wij liggen dus liever voor anker, wij voelen ons dan veiliger. Wat foto's met kort commentaar over de stad Ponce:
Wij vonden het leuk dat er een beeld staat van een dikke vrouw temidden van allerlei `vreetschuren` in een luxe shopping mall in Ponce.
In dit deel zijn ongeveer 15 `fast food` ketens op het plein, op de foto een klein stukje. De prijzen in de mall zijn erg hoog, merkproducten voor de happy few.



Ponce is een stad met mooie architectuur uit het verleden (Spaanse invloeden). Deze stad wordt daar om geroemd. Helaas vervalt erg veel, als je door de stad wandelt zie je dat erg veel.

 De oude brandweerkazerne van Ponce. De leeuw die je ziet is het beeldmerk van Ponce, vroeger was het zuiden van Puerto Rico in handen van een familie die de leeuw als wapen had.
 Traliewerk, dit is een tandartsenpraktijk in Ponce. FYI: veel mensen wonen in compounds, omheinde gebieden met woningen of flats met bewaking en toegangspoorten.
 Nog een voorbeeld van traliewerk.

Nog een voorbeeld van traliewerk, als je deze foto uitvergroot kun je ook het traliewerk van het huis aan de linkerkant goed zien. zoals gezegd, 95% van de huizen zijn fors voorzien van traliewerk voorzien in Puerto Rico, ook in het binnenland.









Hoewel wij Puerto Rico geweldig interessant en leuk vonden, de mensen die bijzonder vriendelijk zijn zeer waarderen, is het toch tijd om te vertrekken, We gaan morgen naar Bonaire waar we waarschijnlijk dinsdag aankomen, 3 dagen varen, heerlijk.

zaterdag 30 april 2016

30 april 2016 ZEEKOEIEN rond de boot EN ons reisplan

Een kort filmpje, Anneke is ook te water gegaan en heeft met de zeekoeien gezwommen en ze ook aangeraakt. Gezien de outfit die zij droeg vinden wij dat we dat filmpje niet moeten publiceren. Dus nu alleen de koeien bij onze ankerketting. Locatie Salinas in Puerto Rico: de zuidkust.


Iets anders is de reden dat wij naar de ABC eilanden gaan: hier is het orkaan seizoen juni t/m november, in het diepe zuiden van de Carieb komt vrijwel nooit een orkaan voor, daarom gaan wij 8 mei naar het zuiden (ABC eilanden). De meeste orkanen komen in augustus voor, circa 4 stuks, daarna neemt het af.

Wij gaan naar Nederland (vliegtuig) om een stuk orkaanseizoen te overbruggen en een stuk zomer in NL mee te maken: wij komen 17 juni aan in NL en vertrekken 25 augustus weer naar ons schip. Ons schip zal gedurende die tijd op Aruba in een marina liggen. Daarna gaan wij via Colombia naar Panama.

De volgende blog zal ergens midden mei vanuit Bonaire worden gepost.

vrijdag 29 april 2016

Virgin Islands / Maagden eilanden


Op weg naar de Virgin Islands (Maagdeneilanden). De reis was zeer voorspoedig, we dreigden in het donker aan te komen en hebben de zeilen verkleind zodat we bij het krieken van de dag Spanish Town op het eiland Virgin Gorda aanliepen.

De Virgin Islands bestaan nuit een stuk of 70 eilanden, echter er zijn maar 10 redelijk grote. De Virgin Islands bestaann uit 3 landen : Britisg Virgin Islands (BVI); US Virgin Islands (USVI) en Spanish Virgin Islands (SVI). Die laatste, SVI, wordt ook de passage islands genoemd en maakt deel uit van Puerto Rico. Puerto Rico is eigendom van de USA hoewel ze een grote mate van zelfbestuur hebben. De USA hebben in het verleden de huidige USVI van Denemarken gekocht en de SVI van Spanje overgenomen, de USA had behoefte om toegang tot het Panamakanaal te controleren.
Hieronder een kaart van de VI zodat jullie enig idee hebben van de grotere eilanden en de ligging daarvan.

De BVI is enorm toeristisch met een enorme chartervloot
De USVI  is nauwelijks toeristisch in vergelijking met de BVI (St John, St thomas, St Croix)
De SVI is in ontwikkeling en het meest authentiek (Culebra en Vieques)

Voor de BVI kun je in Spanish Town op Virgin-Gorda inklaren, daarom gingen we daar als eerste voor anker. Spanish Town mag zelfs de titel gehucht niet voeren, er zijn geen steden of dorpen op Virgin-Gorda ook al worden ze wel zo genoemd. 

Vanuit Spanish Town zijn we naar het zuiden van het eiland gelopen waar de “Baths” zijn,  dat zijn enorme ronde granieten blokken van 3 tot 6 meter doorsnee die daar liggen, ook in het water/de zee  waardoor  er een soort bad ontstaat.


Na spanish town zijn we naar het noordenGorda-Sound gegaan, een heel mooie maar drukke laguna  waar we een aantal dagen gebleven zijn.












Het volgende eiland dat wij bezochten was Tortola, als eerste een baai in het oosten aan de noordkant. We hebben daar lekker gelegen en gewandeld, daarna zijn we bij de hoofdstad Road Town voor anker gegaan. Zowaar een echte stad, Anneke is hier naar de kapper gegaan en is eindelijk weer toonbaar, ze wil haar haar langer hebben en was dus 6 maanden niet bij een kapper geweest. In Road Town hebben we ons plan uitgevoerd om een visum voor de USVI/USA/Puerto Rico te omzeilen. Hoewel je als Nederlander geen visum nodig hebt om de USA te bezoeken geldt die vrijstelling alleen als je met geregistreerd openbaar vervoer komt zoals een vliegtuig of een Ferry, je krijgt dan een stempel in je paspoort zodat je negentig dagen in de USA per bezoek kunt verblijven, dat stempel is een jaar geldig. Met je eigen jacht heb je een visum nodig, in ons geval zouden we naar de ambassade op Barbedos moeten en dan is er nog een forse wachttijd en forse kosten afgezien van de hotelkosten en vliegkosten. Wij wisten dat niet en waren onaangenaam verrast. Na veel internet gezoek zag ik een suggestie om met de ferry van de BVI naar de USVI te gaan zodat je een stempel in je paspoort krijgt en dan kun je daarna met je eigen jacht zonder visum de USA in. Dat hebben wij dus gedaan, vanuit Road Town op Tortola met de ferry naar Charlotte Amalie op St Thomas. We hebben daar ons felbegeerde stempel gekregen en de stad bewonderd.


De stad heeft een Deense uitstraling en ook Deense straatnamen, gezien de historie begrijpelijk. Zelfs menukaarten zijn in het Deens en Engels. Een leuke stad om in te wandelen, de oude pakhuizen zijn verbouwd tot winkels en restaurants. Ook is op dat eiland de op een na oudste synagoge van de USA te vinden, uiteraard hebben wij die bezocht. Op de VI zijn leguanen, ook in deze stad kwamen we die tegen.






Aan het eind van de dag met de ferry terug naar Road Town, de dag daarop anker op en naar Brewer Bay, een erg mooie baai met spectaculaire snorkelmogelijkheden die verboden is voor charters vanwege de moeilijke toegang door het rif waar Anneke later meer over vertelt. Uiteraard weer wandelen naar de naastgelegen baai, een afstand door de lucht van 3 kilometer waar wij 3 uur over deden vanwege de zeer steile beklimmingen, daarna een baai aan de andere kant bezocht waar wij onderweg een oude molen tegenkwamen om suikerriet te malen/persen.

Tijd voor een ander eiland, we gingen naar het eiland Jos Van Dyke, wederom in een mooie baai met helder water geankerd, veel restaurants en bars op de kust/strand, ja toeristisch. Na dit BVI eiland zijn we naar de USVI vertrokken, het eiland St. Croix een mijl of 40 zuidelijk van St. thomas. Bij het inklaren vroeg de official hoe wij de “escape route” voor het visum hadden gevonden, het was gelukkig legaal en ze waren onder de indruk. Het scheelde ons een boete van US$ 1.200. We waren in de plaats Christiaanstad, uiteraard weer zeer Deens en gelukkig niet zo toeristisch. We zijn na twee dagen naar een baai gegaan waar de ingang door het rif ging, erg smalle niet betonde doorgang, maar zeer de moeite waard. In die baai was een laguna waar oplichtende algen zijn, als je met je hand door het water gaat krijg je een lichtspel, wij zijn daar na zonsondergang met onze bijboot naartoe gevaren. Dit soort lichtgevende laguna’s/baaien komen in 5 landen voor: USVI; Puerto Rico, Vietnam, Nieuw Zeeland en Australie. Degene met de grootste lichtintensiteit is in Puerto Rico, die hebben we later ook bezocht. Alle wandelingen en mooie omgevingen zal ik jullie besparen.

Vanuit Croix zijn we naar de SVI/Puerto Rico gegaan, naar het eiland Culebra de grote baai Honda Ensenade. Weer inklaren, waarschuwing van de douane gehad voor een mogelijk US$ 10.000 boete: je moet per district doorgeven waar je bent in Puerto Rico en de US, je koopt een cruising permit en dat nummer moet je doorgeven als je van regio verandert. In Puerto Rico zijn  4 regio’s zijnde Oost, Noord, Zuid en West.

Vanuit Culebra gingen we naar het eiland Vieques richting mooie snorkelbaai  in het noord westen maar die was afgesloten met drijvende objecten. Dit eiland is tot 2003 door de USA als oefengebied voor bombardementen etc. gebruikt en er liggen nog veel scherpe bommen, blijkbaar was in deze baai weer iets ontdekt. Wij zijn dus doorgevaren naar een baai in het noord oosten van het eiland.  Snorkelen en bijzondere vissen zien inclusief onze “huis baracuda”  waar Anneke meer over vertelt. Daarna naar de baai (Poerto Mosquito) gegaan waar de meest lichtgevende algen zijn van de wereld, zie foto van onze plotter.

Je kunt zien dat die laguna een smalle toegang heeft waar wij met de bijboot doorheen gingen. Door die nauwe doorgang blijven de algen netjes in de laguna. Bijzonder spectaculair schouwspel van lichtflitsen door vissen etc.
Na deze baai naar Esperanza gegaan aan de zuidkant van het eiland.







Uiteraard weer gewandeld, onder  andere naar de plaats Isabelle II waar de mensen niet geloofden dat wij die tocht oer voet ondernamen. Locals lopen niet, ze gebruiken grote auto’s. Ter info: een liter diesel kost € 0,45 en benzine nog geen 50 eurocent. Wij hebben dus wat diesel in onze tanks gedaan. Al met al erg genoten. De sfeer in Puerto Rico is geweldig.

Vanuit het eiland Vieques naar het grote Puerto Rico gevaren, de locatie Salinas, een dagtocht van 55NM. In de mooie rustige baai voor anker. We hadden gezien dat alle huizen, ook de krotten, op de Puerto Rico eilanden met tralies waren beveiligd, dat er overal zware hekken waren etc. In Salinas zagen we hetzelfde, we vroegen een local waarom dat was. Het antwoord was simpel, er worden soms 2 of 3 mensen doodgeschoten per maand in de regio/het dorp maar het is niet gevaarlijk, hij heeft een zoon van 23 maar die komt voor het donker thuis dus geen probleem. Wij gaan niet in het donker op pad! Net buiten Salinas heb je een goede grote supermarkt waar je goed kunt provianderen, we liggen hier nu een week. Nu is 29 april, onze trouwdag, die gaan we vieren, 34 jaar getrouwd en een aantal jaren langer samen.

We hebben hier twee dagen een auto gehuurd, de eerste dag zijn we naar San Juan gereden, de hoofdstad in het noorden. Wat een geweldige oude stad, vol historie en sfeer (het is ook een indrukwekkende metropool). Ik kan daar lang over vertellen, heerlijk eten, genieten van mensen, cultuur, historie etc. Hieronder wat plaatjes.
De tweede dag met onze auto zijn we over de bergketen van oost naar west gereden via kleine wegen om een indruk te krijgen van de binnenlanden. Een geweldige ervaring, ook de stops en lunch in lokale gelegenheden waren buitengewoon. Het land is diverser dan wij hadden gedacht met een indrukwekkende bergketen.

Onze baai: we zien iedere dag zeekoeien rondom onze boot, soms op 2 meter afstand. Onze volgende stop is de plaats Ponce, daar varen we 1 mei naartoe ( 30 april weinig/geen wind). Het plan is om op 8 mei  de Caribbean helemaal over te steken naar het zuiden om na drie dagen op Bonaire (ABC eilanden) aan te komen. Hieronder een stuk van Anneke over  de vissen etc.

ANNEKE: onderstaand adres geeft een impressie van de vissen die wij zien.
http://frankosmaps.com/caribbean-mini-creatures-id

Inmiddels hebben we de Virgin Islands, in het Nederlands “Maagdeneilanden”, bezocht.  We hebben tijdens onze reis al in vele mooie baaien gelegen. Ik wil hier echter even ingaan op het “wildlife” wat we onderweg gezien hebben.  Want dat is zeker vermeldenswaardig!

Al vanaf Barbados zien we vaak zeeschildpadden. Deze prachtige dieren steken regelmatig hun koppie boven water. Maar we hebben ze ook onder water gezien. Prachtig! Omdat we ze zo vaak zien, wordt het al bijna normaal. Bijna dan.

De Virgin Islands staan bekend om hun prachtige koraalriffen. En bij prachtige koraalriffen horen ook prachtige vissen. Helaas zijn met name de Britse en ook de USA Virgin Islands erg populair. Onze pilot (boek met details over havens, baaien en ook wat er op de kant te doen is) gaf het al aan. De Virgin Islands is een prachtig gebied. Echter, als je niet houdt van drukte, dure moorings en volle restaurants, “this is not your cup of tea”. En dat bleek te kloppen. Gelukkig mag de enorme chartervloot niet alle baaien in. Als het een beetje te moeilijk wordt, verbiedt de verhuurder dat je er met je charterboot mag gaan liggen. En dat zijn dus de plekken die Heinze en ik opzoeken! Zo lagen we ook op het eiland “Tortola” in “Brewers Bay”. Een prachtige baai, met aan weerszijden de meest fantastische riffen. We hebben genoten van het snorkelen! Helaas was hier toch ook weer een proleet, die kennelijk wel een eigen boot had, die het nodig vond om te gaan waterskiën over de riffen. We hoopten nog even dat hij onderuit zou gaan, maar helaas, niet op een plek waar het pijn deed. Hoogst verontwaardigd dat ik er wat van zei. Ik vertelde hem dat het ten eerste verboden was om met jetski’s etc. te racen in de BVI (British Virgin Islands), ten tweede dat hij het rif verstoorde en ten derde dat het super irritant is om om een andermans boot heen te racen. Wat waren wij toch kinderachtig, volgens “meneer”. Maar goed, in deze prachtige baai kwamen wij op een wat ruiger en dieper stuk een nurse shark (verpleegsterhaai) tegen. Helemaal niet eng en niet al te groot. Een prachtig dier! En daarbij opgeteld de letterlijk honderden verschillende mooie tropische vissen. Tot onze verbazing zagen we ook nog een haaitje toen we gingen ankeren bij Jost van Dyke, een van de British Virgin Islands. Midden tussen de boten. Verdwaald?

Waar wij ook telkens weer van genieten zijn de vele pelikanen. Ik blijf het koddige dieren vinden. Ze zijn zo heerlijk onbehouwen. Plonsen met een enorm kabaal werkelijk verticaal in het water. In Brewers Bay hadden ze een plek op de kant waarvandaan ze zich gewoon elke keer met hun bek open in het water laten vallen. Wij noemden die plek al de “snackbar”. Toen ik daar ging snorkelen bleek het inderdaad te stikken van de vis op die plek, echt hele scholen.

De eerste keer dat we Tarpons zagen was bij Virgin Gorda, bij Saba Rock (in de Virgin Gorda Sound). Daar was een restaurant wat adverteert met het Tarpon voeren om 19.00 uur ’s avonds. Deze grote roofvissen zien er angstaanjagend uit. Als een stukje vis in het water gegooid wordt, sprinten ze daar met zijn allen op af. Volgens mij moeten ze zich niet per ongeluk vergissen als jij je voet in het water steekt. Ze hebben tanden! Maar men zegt dat ze voor mensen ongevaarlijk zijn. Andersom grotendeels ook: ze schijnen niet te eten te zijn, omdat ze vol graten zitten. Men schijnt het wel leuk te vinden om op ze te vissen, omdat ze enorme strijd leveren. En dat noemen we dan “sport”. Maar goed, deze Tarpons werden dagelijks gevoerd en waren perfect afgericht. Zo tegen etenstijd kwamen ze aangezwommen. Later hebben we ze ook op andere plekken gezien. Met name restaurants aan het water hebben hun interesse. Het is natuurlijk hartstikke leuk om een restje vis in het water te gooien en ze daar met zijn allen op te zien duiken. Maar ook op andere plekken, gewoon in de haven, zwemmen enorme exemplaren rond.

Een andere grote vis die wij regelmatig zien, is de Barracuda. Toen ik in een baai bij Vieques, een van de Spanish Virgin Islands ,even naar het anker was gesnorkeld om te kijken of het goed gepakt had, zag ik bij terugkomst een enorme Barracuda onder onze boot liggen. Die is er dus in een mum van tijd onder gaan liggen. Hoewel ze in principe een mens niets doen, als die hen ook met rust laat, vond ik deze toch wel heel groot. Gauw het water uit. De volgende ochtend zagen we “Barry”, zoals we hem gedoopt hadden, al heerlijk chillen naast de boot in het zonnetje. Als het dan te warm werd, ging hij er weer onder. En de volgende baai? Het eerste wat ik zag toen ik in het water sprong was een enorme Barracuda. Was Barry echt onze huisBarracuda geworden?

Een andere hele bijzondere plek was ook op Vieques. Wij hadden al eerder gehoord dat daar een lichtgevende baai is. Dat is dus plankton wat licht afgeeft als het verstoord wordt. Wij zijn met ons elektromotortje naar binnen gevaren, toen het net donker was. Ook daar zat heel veel vis, die voor ons bijbootje wegschoot. En dat geeft dus lichtgevende strepen in het water!

Het ankeren op de Spanish Virgin Islands is best spannend. De Amerikanen hebben deze eilanden (Culebra en Vieques) uitgebreid gebruikt als oefenterrein voor de oorlogsvoering. Met name Vieques heeft het moeten ontgelden. Dit heeft nog tot 2003 geduurd. Het oefengebied is nu grotendeels tot natuurreservaat bestempeld, maar ze schatten nog wel 20 jaar nodig te hebben om de rotzooi op te ruimen. Nu zijn sommige baaien nog steeds afgesloten, omdat er onontplofte bommen liggen. Maar ook in baaien die wel open zijn, kun je pech hebben. Zo hadden wij in een mooie baai ons anker uitgegooid, omdat je hier prachtig kon snorkelen. Heinze werd alleen nogal zenuwachtig toen we naar de grond keken rondom ons anker. Daar lagen grote buizen, die vastgebonden lagen met touw aan de grond. Moet je anker dus niet achter komen te zitten. Overigens wel prachtig koraal. We hebben dus toch nog maar even een rondje gemaakt voor we weer anker opgingen. Heinze was al eerder weer aan boord; die had geen rust. Ik kwam, niets vermoedend, een enorme Manta rog tegen. Ik schrok me rot! Wat een enorm beest. Dat was wel wat anders dan het schattige roggetje wat mijn overboord gevallen bordje kwam inspecteren (dat gebeurde op Sint Eustatius, daar kwam hij even “stofzuigen”, maar besloot al snel dat dat bordje niet interessant was). Maar die Manta rog was natuurlijk wel fantastisch! Ik had ‘m daar totaal niet verwacht. Terug zwemmend kwam ik ook nog een White spotted Eagleray tegen. Ook prachtig en toch ook nog heel groot. Maar die Manta was zeker 1,5 a 2 keer zo groot. Wat een geluk op 1 dag.

Op de kant hebben we genoten van de vele salamanders en af en toe een leguaan. Wij hadden verwacht dat die dieren heel schuw zouden zijn, maar een van de grootste zagen wij midden in een park in Charlotte Amalie, een stad op St. Thomas (USA Virgin Islands). Ook zien we veel felgekleurde vlinders in allerlei soorten en maten.  En kolibries blijven we ook heel bijzonder vinden. Wat een prachtige kleuren hebben die vaak.

Nu liggen we in Salinas, een baai bij Puerto Rico. Er werd ons al verteld dat hier “Manatee ‘s” voorkomen; zeekoeien. Volgens een medewerker van de haven komen ze regelmatig zelfs de haven binnen en drinken ze zoet water.  Ze schijnen het leuk te vinden om met zwemmers te spelen, al zijn ze wel wat ruw in de omgang. Vanmiddag zagen we een Manatee rond onze boot zwemmen. Super natuurlijk! Ik ben wel het water in gegaan, maar hij had waarschijnlijk geen zin om te spelen. Toen ik hem al een poos niet meer gezien had, ben ik gaan douchen. En ja hoor, toen ik afgedroogd was liet meneer zich weer zien. Hij is best een lange tijd rondom onze boot gebleven, echt bijzonder! 



maandag 21 maart 2016

Guadeloupe tot en met Anguilla

We hebben Femke 19 maart gesproken, haar blog over Dominica volgt later. Wij beginnen op het punt waar Femke van boord is gegaan om terug naar Nederland te vliegen.

We hebben Femke met ons schip naar het zuiden van St Lucia gebracht omdat aansluitingen per vliegtuig of ferry op haar vlucht zo slecht waren dat ze in het beste geval 36 uur moest wachten (een omweg met ons schip van 250NM). Nadat we haar op de luchthaven hadden afgezet zijn we te voet terug naar Vieux Fort gegaan waar ons schip lag, onderweg wat oude lokale drinkgelegenheden bezocht en daarvan genoten.

De volgende dag (4 februari) anker op, helaas bleek de motor van onze ankerlier kapot te zijn en moesten we handmatig lieren. Die motor had ik al eens in Portugal gerepareerd, nu was de boel dermate heet geworden dat reparatie onmogelijk was. We hebben koers gezet naar Martinique het gebied Le Marin waar veel charters en werven zijn om een nieuwe motor voor de lier te krijgen. Aangekomen in Martinique hebben we enige dagen vergeefs gespendeerd om een nieuwe motor te krijgen, daarna een motor in Engeland besteld en laten invliegen naar Guadeloupe de plaats Fort de Bas. We zijn 10 februari 2016 daar aangekomen om die motor af te halen, na plaatsing van de motor doet de ankerlier het weer voortreffelijk. De plaats zelf vonden we niet geweldig, daarom op 12 februari naar Iles des Saints (eilandjes behorende tot Guadeloupe) gevaren en daar een leuke tijd gehad. Veel gesnorkeld en op een eiland ook veel gelopen, de sfeer was genoeglijk.
Vanuit Iles des Saines zijn we naar de baai Delhaise in het noorden van Goadeloupe gevaren, het was een “normale” baai met bijbehorend plaatsje. Het werd tijd voor een ander land, op 17 februari aangekomen op het eiland Antigua in de baai English Harbour.

Antigua vormt samen met het eiland Barbuda het land “Antigua & Barbuda”. Antigua is een geweldig land met veel riffen, baaien en hike mogelijkheden, ook zijn daar veel fregatvogels en op Barbuda zit een hele kolonie. We zien in de hele Carieb al fregatvogels, die vogels zweven en hebben de meest extreme verhouding tussen spanwijdte van de vleugels en het lage lichaamsgewicht, hoewel zij vis eten kunnen ze niet in het water landen omdat ze dan niet meer kunnen opstijgen, ze vissen door laag over het water te vliegen en met de lange snavel vis uit het water te pikken. We hebben op Antigua behoorlijke afstanden gelopen en ook wat geitenpaden gevolgd. English harbour is een plaats waar veel superyachts liggen, zowel motor als zeil. Je moet dan denken aan schepen vanaf 70 meter lengte die voor privé doeleinden worden gebruikt. We zijn op 21 februari naar de baai “Deep Bay” en op 23 februari naar de hoofdstad “St John” op Antigua gevaren.
Uiteraard weer de nodige afstanden gelopen langs woeste kusten, gezwommen en gesnorkeld. Weer tijd voor een nieuw land:


Antigua, kust









St Kitts & Nevis: een land dat bestaat uit die twee eilanden, St kitts kennen wij als St Christopher.
Op 25 februari zijn wij op Nevis aangekomen waar wij bij de hoofdstad Charlestown voor anker zijn gegaan. Nevis is een eiland dat wij zeer gewaardeerd hebben, de mensen zijn uitermate vriendelijk en relaxed, het hele eiland straalt dat uit. We hebben ook in het noorden bij Oualie beach voor anker gelegen.
Op de 28ste zijn we naar het zuiden van St kitts gegaan, in Whitehouse bay voor anker. Een mooie ankerplaats met goede snorkelspots. Op 1 maart zijn we naar de hoofdstad Basse Terre gevaren, het was dermate teleurstellend (verpest door cruiseship toerisme) dat we de dag daarop vertrokken zijn naar Statia.

Statia (St Eustatia) en Saba. Die twee eilanden zijn Nederlandse gebiedsdelen met als voertaal Engels en munteenheid de US dollar, als je meldt dat ze Nederland zijn vinden zij van niet en leggen je omstandig uit dat ze zelfstandig zijn. Op 2 maart zijn we aangekomen in Oranjestad op het eiland Statia. Omdat het veel met Nederland te maken heeft een kort stukje geschiedenis.

Statia is een klein eiland met een rijke historie, met name tussen 1700 en 1800 beleefde Statia haar gouden eeuw. In die jaren vochten de Europese landen om verschillende eilanden die daardoor van hand tot hand gingen en Statia (op dat moment Nederland) was een neutraal land. Daardoor kon Statia met de vechtende partijen handel drijven (die partijen hadden handelsembargo’s met elkaar), alle producten die Statia verkocht weren gelabeld als geproduceerd in Statia, uiteraard waren die producten daar niet geproduceerd. Een voorbeeld: Statia produceerde per jaar 60 duizend pond suiker maar exporteerde 20 miljoen pond suiker per jaar, gelegaliseerde smokkelarij. In die tijd bestond Amerika uit de “Koloniën” die vergeven waren van belastingen en importheffingen, ook dat stimuleerde de handel op Statia. Statia stond bekend als de “Gouden Rots”. In de hoogtijdagen kwamen er 3.000 schepen per jaar om handel te drijven. Er is nog veel meer te vertellen over de geschiedenis, kijk eens op internet, erg leuk.
 Wilde rubberboom langs trail


Ankerplaats Statia met Saba in de verte
Wij zijn zeer gecharmeerd van Statia, een gemoedelijk klein eiland met veel trails. Het eiland heeft een oude vulkaan, natuurlijk zijn wij via trails naar de kraterrand gegaan. Op de tocht naar de kraterrand zijn we honderden heremietkreeften tegengekomen die telkens in hun schelp een stuk naar beneden rolden op de steile helling, we vragen ons nog steeds af hoe die ooit boven zijn gekomen. Het leuke is dat in de krater een tropisch regenwoud is ontstaan omdat daar de wolken continue boven hangen en leeg regenen. Als je van de ankerplaats naar Oranjestad wilt moet je via de oude steile slavenweg (niet alles is iets om trots op te zijn) naar boven, de stad is klein en gemoedelijk met een oud fort en andere bezienswaardigheden uit het verleden. Het snorkelen is fantastisch, een honderd meter uit de kust ligt een oude stadswal onder water die nu rijk door tropische vissen wordt bevolkt. Anneke heeft op Statia ook weer een duik gemaakt om de onderwaterwereld tot 20 meter diepte te verkennen. Een minpuntje volgens ons is dat Statia wordt gebruikt als olieopslagplaats, je ziet er niet veel van, het is goed gecamoufleerd in de bergen maar het hoort daar niet thuis, ik begrijp dat Statia inkomsten moet genereren.

Op 7 maart zijn we naar Saba gevaren en aan de zuidkust een mooring opgepikt. Normaal doe je dat aan de westkust maar vanwege de enorme swell uit het noorden en de harde wind uit die richting was dat niet mogelijk, op onze plaats in het zuiden rolde het schip al enorm. Saba is een klein eiland, eigenlijk een rots in de zee waar het op circa 250 meter hoogte het leven begint, met andere woorden kliffen die erg hoog zijn. Aan de westkant van het eiland kun je via de “ladder” omhoog een uit de rotsen gehakte trap van 800 treden die in vroeger tijden werd gebruikt om alles omhoog te krijgen, aan de zuidkant is tegenwoordig een zeer steile weg die je 250 meter omhoog brengt. Die weg hebben wij diverse keren gelopen, bijzonder uitputtend. Saba noem ik het eiland van de mooie natuur, trails en duik/snorkel spots. Het walhalla voor actieve wandelaars. Op Saba wonen een paar duizend mensen en heeft twee steden/plaatsen: The Bottom op circa 250 meter hoogte en Windward op circa 350 meter hoogte.
Wij hebben trails gelopen, de meest vermoeiende was naar de top van het eiland circa 900 meter hoog via een trail die behalve stijgende paden 1064 steps (tredes uitgehakt in rots) bevatte. Saba heeft het hoogste punt van Nederland.

Hoogste punt van Saba en twee foto's van een stukje trail 

Na een mooie tijd op Saba zijn we op 11 maart naar St Maarten gevaren, een eiland waar het noorden Frankrijk toebehoort en het zuiden Nederland. We zijn gaan ankeren in de Simson baai en met de bijboot telkens de lagune ingevaren. St Maarten kon ons niet bekoren, de thuishaven van veel superyachts, veel toerisme, te “plastic”. Wel fantastisch was een enorme Carrefour supermarkt, die hadden we al maanden gemist, we hebben dan ook flink ingeslagen en alleen daarom was St Maarten al de trip waard. Uiteraard moesten we dit eiland bezoeken omdat het toch Nederland is.

Anguila: op 16 maart zijn we naar het eiland Anguila (Road bay) gevaren (onderdeel van Engeland), morgen 22 maart gaan we naar de Virgin islands (Maagden eilanden).
De Engelsen hadden vroeger ook Nevis en St Kitts; bij de verzelfstandiging (in 1967) wilden ze daar Anguila ook aan toevoegen maar daar hadden de eilanders geen trek in en na vele protesten van die eilanders is het dus Engeland gebleven. Protesteren is wellicht wat zwak uitgedrukt: St Kitts zou het belangrijkste eiland worden en had al een politiemacht op Anguilla gevestigd, de eilanders beschoten telkenmale die politiepost. De Anguillianen waren vanwege hun geschiet bang voor een invasie vanuit Kitts en besloten daarom Kitts maar aan te vallen, met wat vissersschepen zijn ze naar het eiland Kitts gevaren en aan land gegaan. Het werd een volledig fiasco, gelukkig geen doden. Amerikanen bedachten mooie plannen om Anguilla te financieren, de Britten hadden de onterechte indruk dat het eiland door de Mafia was overgenomen en heeft in 1969 een gewapende invasiemacht naar het eiland gestuurd die daar bij de kust alleen een paar verbaasd kijkende geiten tegenkwam. Genoeg historie, alle eilanden hebben een wetenswaardige historie die interessant is.
In de hele Carieb zijn de mensen zeer gelovig en vind je de meest prachtige kerkgenootschappen, leuke boodschap. Deze een van Anguilla.
Dit is een reclamebord van een begrafenisondernemer in Anguilla, de grote letter "R" is zijn trademark

Het kantoor van de politie in Anguilla, let op de hond en op Anneke, je zou de eilanders bijna van humor verdenken

We zijn nu 5 dagen op Anguilla, (hierboven wat foto's van zaken waarvan wij kunnen genieten) het bevalt ons hier prima en liggen lekker rustig achter ons anker in de baai en zien weer veel schildpadden rondom de boot zwemmen. Uiteraard weer veel gelopen en bezichtigd. Bijzonder is dat het concept stad of dorp hier onbekend is, je vindt geen centrum met winkels, die zijn hier en daar langs wegen. Wel vind je op twee plaatsen een grotere concentratie van huizen maar niet met een stratenplan of iets dergelijks. De mensen zijn uitermate vriendelijk en de stranden zijn van zeer fijn zand.
We kijken uit naar de Virgin Islands waar we morgen naartoe gaan, een tocht van 90NM, we vertrekken in het begin van de middag en zullen dan de dag daarop in de ochtend aankomen. Vanuit de Virgins maken we ons volgende blog.